Het pinksterweekend 2009 was voor ons geslaagd. Niet alleen omdat het nu eens niet regende, maar ook om gezellig bij te praten met de andere deelnemers tijdens de pauzemomenten in de ritten en de maaltijden. Wij behoorden tot de weinige ingewijden, die wisten wat er komen zou. In maart hebben we de routes, die ontworpen zijn door Ben Schoutsen en beschreven door Janine Sallé, gecontroleerd en gecorrigeerd. Behalve de terugrit, die geheel door Janine is gemaakt.

Om te beginnen met de heenreis, wil ik opmerken, dat daar wel een paar lange, rechte wegen in waren opgenomen. Navraag bij Ben leverde op dat dat niet helemaal zijn bedoeling was geweest, maar een gevolg van een interpretatieverschil van de navigator.
Na de lunch was de wegkeuze gelukkig beter op de motorrijder afgestemd. Dat was maar goed ook want het voedsel, dat wij tot ons moesten nemen bij die BurgerKing, stemde ons niet vrolijk, wat een kleffe bedoeling! Liever picknicken in het bos maar dit nooit meer.

De terugreis was een oude route, ik schreef het al. Vlot naar de Belgische grens en dan lunchen in Baraque Fraiture. Bijna waren we weer in zo’n kleffe tent terecht gekomen, maar Marianne Broers redde ons gelukkig door het tegenovergelegen restaurant als voorkeur aan te wijzen. Kort tevoren hadden wij Joop Webbers met defecte motor en een groepje leden langs de kant zien staan. Hij zou worden geholpen door de wegenwacht. De afloop is mij niet bekend. Nog ziek van de snelheidbeperkingen op de A2 op de heenreis, verkozen wij nu om via de A73, A50, A12, A30 en A1 naar huis te reizen. Dat was geen onverdeeld genoegen. Minister Eurlings klopt zich wel op de borst dat die A73 klaar is, maar dat is niet het geval. Tussen Roermond en Venlo is slechts één rijstrook open, hetgeen de nodige vertraging en irritatie bij ons teweeg bracht.

Topper van het weekend was voor ons de rondrit. Weer geheel andere weggetjes om in Trier te komen. Omdat de rit maar 225 km lang was hadden we alle tijd om onderweg rond te kijken en daarvoor is Trier een uitgelezen stad vol met Romeinse en andere oudheden. In de route was weliswaar een motorparkeerplaats aangewezen, maar om vervolgens in het centrum te komen was meer plaatselijke kennis noodzakelijk. Gelukkig troffen we Janine op onze route, die verwees naar de Hauptmarkt met de Domkirche en de Frauenkirche, beide unieke bouwwerken, de een romaans en de ander gotisch. We zijn naar de andere kant van de levendige winkelstraat gewandeld om de Porta Nigra te bewonderen, een immense stadspoort uit het begin van onze jaartelling. De gebruikelijke appeltaart hebben wij ingeruild voor een bezoek aan de Dom, waar juist een dienst gaande was, waardoor wij spiritueel opgeladen werden. Bij het Romeinse Amfitheater hebben we even stilgestaan om op de parkeerplaats het aantal motoren van oudheidkundige leden te tellen en hun namen te noteren voor extra punten in de bikkelcompetitie. Ik was van plan deze namen hier te noemen ……… Verderop die waterleiding waarmee de Romeinen het drinkwater over tientallen kilometers uit de bergen naar de stad leidden. Dat was een indrukwekkend kunstwerk met tunnels door de bergen. Ook Gastehaus Zur Post was een belevenis. De lunch daar liet lang op zich wachten, de eigenaar was gestresst door de grote aanloop, maar bleef lachen. Dat kan niet gezegd worden van de laatste groep hongerige leden, want meneer deed de deur voor hun neus op slot: de eieren waren op!

De afdaling naar Leiwen in het Moezeldal bood werkelijk een fantastisch uitzicht. Tijdens de controle zagen we hier een hert tussen de wijnranken rennen. Even verder kreeg Jan een hert voor zijn motor, maar omdat hij die in het open veld ver van te voren zag aankomen, leverde dat geen gevaarlijke situatie op. Maar het is wel een waarschuwing om daarop alert te zijn. Langs de oever van de Moezel hebben we het gemis aan gebak goed gemaakt door een ijsje te likken. De rit werd afgesloten met het favoriete weggetje van Janine, dat smalle pad van 10 kilometer door de bossen tussen de B51 en Bad Bertrich. Nu voorzien van forse witte kantstrepen, zodat de contouren in het donkere bos duidelijk te zien waren.

Het is elk jaar weer een inspanning van enkele leden, maar het resultaat is een fijn weekend voor een deel van de club in een gezellig hotel en mooie ritten. De Eifel lijkt nooit te vervelen.

Rob Willems